En dat is ook lekker… het artikel van Arne en mij is eindelijk af!!! Na zeven jaar (Arne) danwel drie jaar (ik) eraan gesleuteld te hebben, zijn we het er vandaag over eens geworden dat het bewijs klopt en dat het bijbehorende artikel klaar is voor publicatie. Dat hebben we ook meteen gedaan: je kunt het artikel vanaf morgen vinden op het arXiv . Dat (het arXiv) is een groot archief waar iedereen z’n artikelen op kan plaatsen, die dan door iedereen ook gelezen kunnen worden.
Daarmee is de kous nog niet af, want je kunt daar wel de grootste onzin parkeren. Wat je wilt, is dat je artikel wordt aangenomen door een gerenommeerd tijdschrift, want of anderen nu het PDF-bestand al gewoon in handen hebben of niet, de status van je verhaal staat of valt met het tijdschrift waarin het uitkomt. Het grote probleem daarmee is dat tijdschriften langzaam zijn: ik kan al garanderen dat ons artikel dit jaar niet meer zal verschijnen. Daarom is het arXiv in het leven geroepen: daarop kun je je geschrijf prepubliceren en vanaf dat moment heet het een preprint.
Daarnaast komt het artikel ook op mijn homepage te staan.
Hoe dan ook, het ding is af! Er valt een last van onze schouders, en we hebben ons al direct gebogen over de vraag waarover ons volgende artikel zal gaan…
Zo, dat was lekker… vandaag heb ik bijna twee uur de Nieuwe Dom in Linz onveilig gemaakt vanachter het tamelijk grote orgel dat ze daar hebben. Het is in 1968 gebouwd door Marcussen, dezelfde firma die ook het orgel in de Laurens in Rotterdam heeft gebouwd, en de twee zijn goed te vergelijken. Dat in Linz is iets kleiner, maar wat samenhangender van karakter.
De Nieuwe Dom is de grootste kerk van het voormalig konink-keizerrijk Oostenrijk-Hongarije: er kunnen 20.000 mensen in, vloerruimte 5170 m2. Je kunt hier een 360-graden-panoramafoto van de kerk bekijken, en als je op het pijltje omhoog klikt op het juiste moment, krijg je ook het orgel te zien.
Ik had een paar werken meegenomen die precies passen bij zo’n vierklaviers orgel met 32-voets tongwerk en zo’n gigantische nagalm:
en verder had ik nog een koraalvoorspel van Rheinberger, en heb ik er lekker op los geimproviseerd.
Daar doe je het voor, als organist. Met dank aan collega Schneider die de sleutel had geregeld.
Ik zit nu op een hotelkamer van Hotel Sommerhaus in Linz, ook wel bekend als de betere vleugel van het Julius Raabheim, waar ik in 2005/2006 een half jaar gewoond heb.
Deze week gaan Arne en ik eindelijk het artikel afmaken waarvoor hij mijn hulp had ingeroepen en dat dus eigenlijk de reden is dat ik naar Oostenrijk ben gekomen. Hij had een begin gemaakt en verwachtte dat het complete bewijs van de hoofdstelling niet veel langer zou worden – een misvatting! Steeds als ik een paar gevallen had afgewerkt bleken er nog een paar lastige exemplaren aan mijn methoden te weerstaan, als een muis waar je achteraan zit en die telkens weer een ontsnappingsweg weet te vinden. Uiteindelijk heb ik hem in een hoek weten te krijgen waar hij niet meer uitkon, maar daarvoor waren wel 20 pagina’s hard werken nodig.
Om te voorkomen dat ik iets over het hoofd zie, worden mijn redeneringen deze week door Arne onder de loep genomen. Als we die ronde overleefd hebben, gaat de zaak eindelijk naar de uitgever. Daarmee komt een einde aan een project dat al vanaf 2001 loopt!!!
Maar als echte wiskundigen zijn we daarna natuurlijk niet tevreden. In feite hebben we pas de eerste stappen gezet op weg naar het grote doel: het berekenen van alle waarden van de Waringfunctie voor eindige lichamen. Wie weet hoeveel pagina’s daar nog voor nodig gaan zijn…
Het halve jaar dat ik destijds in Linz was, was een tamelijk intensieve periode, vooral op sociaal gebied. Er waren toen hele rijen doctorandi uit allerlei landen in Linz voor een speciaal themasemester, en we woonden allemaal bij elkaar in het Raabheim. Iedereen was op vreemd terrein, en dus werden er aan de lopende band relaties van allerlei soort en intensiteit geknoopt. Inmiddels is bijna iedereen die ik toen leerde kennen, weer uit Linz verdwenen. De meesten zijn terug in hun eigen land, waaronder landen als de Verenigde Staten, Witrusland, Slowakije en Iran.
Een paar mensen, met name de "seniores" zoals Arne, zitten er nog, en ook een paar jongeren die toen juist met hun promotieproject in Linz begonnen.
Ook contacten buiten de universiteit, zoals op de Evangelische Kantorei, zijn blijven bestaan, en die ga ik dan ook deze week weer eens opzoeken. Hun dirigent, tevens organist van de Martin-Luther-Kirche (zie ook deze link met MP3s van het orgel daar) heeft me beloofd dat hij even de deur van de Nieuwe Dom voor me openmaakt, zodat ik op het grote orgel daar kan spelen.
Vakantie…
Afgelopen week ben ik op vakantie geweest… duh, bijzonder… Natuurlijk reis ik regelmatig overal heen, maar meestal is dat voor mijn werk, en plak ik er nog een paar dagen toerisme aan vast. Vorige week echter ben ik naar de Irsexebr Kunstzomer geweest, en dat was echt alleen om te ontspannen. Nietsdoen is niks voor mij, zelfs op vakantie, dus het was een redelijk ideaal recept: een week lang meesterklassen in alle schone kunsten, iedereen volgt zijn eigen klas, maar kan ook bij de anderen in de keuken kijken. Dit alles onder leiding van algemeen gerespecteerde kunstenaars, en in een mooie omgeving. Duidelijk, he? De prijs is natuurlijk een punt van aandacht, maar omdat ik min of meer gevraagd werd om bij de koorworkshop mee te doen, kon ik een flink stipendium krijgen. Dat doet me eraan denken dat ik nog snel een verslag voor de sponsoren moet schrijven…
Ambiance
De Kunstzomer vindt elk jaar plaats in het voormalige klooster Irsee, in Zuid-Duitsland in de buurt van Augsburg. Na in 1802 te zijn ontwijd en lange tijd dienst gedaan te hebben als zwakzinnigeninrichting, is er in 1972 een provinciaal conferentiecentrum ingericht, compleet met zo’n 70 hotelkamers. Hiernaast zie je het uitzicht vanuit mijn hotelkamer (de rechterzijde – zie verderop voor de linkerhelft). Omdat er door de organisatie al foto’s werden gemaakt, die ik nog in handen moet krijgen, heb ik de camera verder grotendeels met rust gelaten. Voor meer plaatjes van het gebouw kun je kijken op de website van het klooster en van de Kunstzomer.
Programma
De Kunstzomer biedt meesterklassen in vrijwel alle kunstvormen. Ikzelf ging natuurlijk voor muziek, en wel voor de koorworkshop. Die stond onder leiding van een jonge dirigente uit Mxfcnchen, die dit al voor de derde keer deed en voor een uitstekende sfeer wist te zorgen. Dit jaar was ze overigens zes maanden zwanger; haar man zat in het koor en haar dochtertje van 3 jaar was er bij de repetities vaak gewoon bij. De waanzinnige dissonanten die we af en toe produceerden (conform de noten, overigens) maakten het kind niets uit, ze is er kennelijk van jongs af aan gewend!
Het dagprogramma was als volgt:
Gezang
Mijn functie in het koor, samen met twee anderen, was Bas 2, ofwel de laagste partij, waarvoor geregeld een lage D ten gehore gebracht moest worden. Daarvoor was het eigenlijk wel voordelig dat het ‘s avonds meestal gezellig laat werd…
Het hele koor bestond uit niet meer dan 17 personen, met een min of meer flexibele indeling van de stemmen. Exe9n stuk dat we op het programma hadden was driekorig: dat betekent twaalf stemmen…
Het repertoire reikte van een eenstemmig koraal van Hildegard von Bingen (rond het jaar 1150) dat de vrouwen wisten te ontcijferen tot een moderne toonzetting van enkele Duitse gedichten door de componist Heinrich Hartl, die dit werk in opdracht speciaal voor de Kunstzomer heeft geschreven en ook de hele week erbij was en als tenor meezong. Dat is een extra bijzondere prestatie als je bedenkt dat de man sinds zijn vroege kindertijd blind is…
Voor mij waren alle werken nieuw. Dat was niet helemaal de bedoeling. De dirigente had ons namelijk kort van te voren de noten toegestuurd, maar die van mij kwamen helaas te laat aan om nog nut te hebben…
Punkt der Stille
Ongetwijfeld gexefnspireerd door het levenspatroon van de Benedictijner monniken die ooit in het klooster Irsee geleefd en gewerkt hebben, heeft de organisatie van de Kunstzomer elke dag om 7:45 uur een stiltepunt ingebouwd, dat in de kloosterkerk plaatsvindt en waaraan afwisselend door een van de meesterklassen inhoud wordt gegeven.
Daar hebben de musici, in absentie van theologen, natuurlijk een streepje voor. Op de eerste ochtend heb ik het orgel geroerd, onder andere met een improvisatie over "Laat ons de rustdag wijden", wat natuurlijk niemand daar kent, maar dat geeft niet. Heinrich Hartl, de componist, is ook organist, en ook hij heeft een kwartiertje gespeeld. Daarnaast hebben we als koor nog een stiltepunt vormgegeven, met wat we aan losse stukken zo bij ons hadden!!! Het motet "Locus iste" van Bruckner bleek zelfs iedereen uit zijn hoofd te kennen, dat is echt een universele koorhit.
Daarnaast hebben de literaten tweemaal gedichten voorgedragen. Het laatste stiltepunt was redelijk bijzonder: iedereen moest niet alleen stil zijn, maar ook stil zitten. Er was door de fotografen een camera obscura gefabriceerd, waarmee in de 15 minuten die alles duurde, een foto van de kerk met publiek gemaakt werd. Helaas heb ik (en diverse andere koorleden) me die ochtend verslapen, dus ik kom op het beeld niet voor… Tja, de banken waren ook wel erg hard…
Kunstnacht
De Irsexebr Kunstzomer sluit traditioneel af met de Irsexebr Kunstnacht. De laatste zaterdag wordt er niet meer aan de kunstwerken geploeterd: daar is geen tijd meer voor, alles moet nu in gereedheid worden gebracht voor de grote open avond, waarop alle meesterklassen het geleerde kunnen presenteren. Er werden dus exposities op touw gezet van de abstracte en de figuratieve schilders, de graveurs, de boekillustratoren en de fotografen, de schrijvers en dichters organiseerden voorleessessies, en de kamermusici, de dansers en het koor gaven optredens.
De avond liep van 17:00 tot middernacht, zodat alle bezoekers de mogelijkheid hadden om meerdere optredens naar keuze te bezoeken. Elk jaar komen er op de Kunstnacht zo’n 2000 mensen af. Voor de entree hoef je het niet te laten: 7 euro is voldoende.
Ons concert, dat we tweemaal hielden, was in de kloosterkerk. Hier nog even het programma:
Het werk van Bruna is voor orgel, dat speelde ik solo op het prachtigeFreiwixdforgel uit 1754 dat de kerk rijk is (zie foto, afkomstig van www.irsee.de ).
Ook bij het werk van Pxe4rt, een toonzetting van Psalm 95, werd het orgel gebruikt. Gelukkig waren Pxe4rts romantisch gedachte aanwijzingen ook op dit orgel te realiseren.
De componist met de merkwaardige naam Kreek was een Est, en zijn stuk is een motet over Psalm 103:1, wat dus 104 wordt in de katholieke nummering.
Behalve bovenstaand programma, dat in de kerk werd uitgevoerd, hadden we nog twee extra werken ingestudeerd. Het eerste was een toonzetting van twee gedichten van Emily Dickinson, door de Amerikaans-Cubaanse componiste Odaline de la Martinez. Het beeld van de kikker die het complete juni-moeras continu laat weten dat hij er is, zoals dat in het eerste gedicht naar voren komt, bracht haar ertoe het koor een ritmische achtergrond van junglegeluiden te laten voortbrengen, waartegen dan de vier solisten (waarbij ondergetekende) het gedicht gestileerd voordragen. Het tweede deel was eigenlijk bijna jazz: zwoele akkoorden van de drie onderstemmen, en de sopranen zongen het gedicht in fraaie arabesken eroverheen.
Tot slot hadden we een Zweeds volks- annex liefdesliedje paraat, in een arrangement van de Zweedse Real Group, als mooie uitsmijter van de avond, waarmee we het publiek om middernacht duidelijk maakten dat de avond heel mooi, maar ook voorbij was.
En verder…
De week bestond van begin tot eind uit kunst, en ik heb er dan ook enorm van genoten. Eigenlijk nog leuker was de groep in het koor, die heel goed samenging, hoewel we elkaar niet kenden en alle leeftijden vertegenwoordigd waren, van student tot gepensioneerde.
Ik heb nog wat leuke contacten opgedaan, zoals de chef van de kamermuziekklas, die net zo gek op Franse romantische kamermuziek blijkt te zijn als ik.
Voor de koorleden is er al een rexfcnie in de maak… dat wordt voor alle anderen echter makkelijker dan voor mij, omdat ik als enige niet uit de regio Mxfcnchen kom, maar veel verder weg woon. We zullen zien, voorlopig kan ik vanaf nu in Mxfcnchen altijd wel ergens aanleggen als ik er kom…
Tja jongens… het leven gaat niet over rozen. Ik ben helaas in de eerste ronde van het concours alweer uitgeschakeld! De jury en ik verschilden van mening over de aanpak van de Pastorale van Cxe9sar Franck, ik wil het stuk lekker beweeglijk, bijna dansend, en zij willen het meer dromerig en vooral langzaam. Dat weten we dan ook weer.
En het Intermezzo van Jehan Alain is en blijft een razend lastig stuk, bij mij was de concentratie niet optimaal, waardoor het stuk niet tot z’n recht is gekomen.
Nou ja, zoals gezegd was dit m’n eerste concours ooit, en het was een goede ervaring. Ook leuk om met de mede-deelnemers kennis te maken, voorzover ik ze nog niet kende, en natuurlijk leuk om op dit orgel te mogen spelen – een van de grootste en mooiste van Nederland!
Zaterdag is de finale van het concours om 15 uur, dan ga ik nog even luisteren.
De komende week staat in het teken van het Internationaal Cxe9sar Franck-concours. Dat is een orgelwedstrijd voor professionals die zich afspeelt in de St. Bavo-kathedraal in Haarlem. Voor mij een nieuwe ervaring, want ik heb nog nooit met een concours meegedaan.
Voor dit concours moest ik al in juni een opname maken van mezelf aan het orgel, met een voorgeschreven orgelwerk. Ik heb dus mijn MiniDisc-apparaatje weer eens van stal gehaald. Met enig netwerken was het gelukt om op het orgel van de Dom te mogen spelen, dus het klonk ook wel goed! MP3s komen nog wel.
Hoe dan ook, op basis van de opname werd ik toegelaten tot het concours, en de laatste tijd heb ik me dus blauw gestudeerd om de verplichte werken te kunnen spelen. De helft was bekend, maar de andere helft geheel nieuw.
De eerste ronde van het concours is morgen (dinsdag, 25 september); de 10 deelnemers spelen allemaal dezelfde twee stukken. Ik ben om 11:00 uur aan de beurt. Zaterdagavond kreeg ik drie uur de tijd om aan het orgel de registraties te bepalen – en om aan het orgel te wennen, natuurlijk. Gelukkig kende ik het orgel al van vroeger, in mijn studietijd heb ik er een keer een workshop gehad.
De registraties zijn nu allemaal veilig in het geheugen van het orgel opgeslagen, en als er niemand rare streken mee uithaalt, zitten ze daar morgen nog. Dann geht’s los…
Er zat een pijlstaartvlinder op de muur bij de ingang van de parkeergarage. Nogal een onrustig plekje, maar misschien viel het mee in het weekend. Hoe dan ook, hij heeft er minstens 24 uur gezeten. Daarna was hij verdwenen, maar hoe vermeldt de geschiedenis niet. Wie heeft er een vlindergids en kan me de precieze soort vertellen?
Het werk gaat natuurlijk gewoon door. Eergisteren was ik op bezoek bij een van mijn naaste collega’s aan de universiteit van Leoben. De stad is ongeveer even groot als Delft, en de uni aldaar is ook van het technische soort, gespecialiseerd in alles wat met bergen en mijnbouw te maken heeft. Een van de profs, een (vrouwelijke!) hoogleraar aardolieboring die nu vicerector is, zit bij ons in de Lutherse kerk in Graz.
De afdeling wiskunde moet al die ingenieurs leren differentixebren en integreren, om niets ergers te noemen. Mijn collega daar doet dat dus, maar zijn onderzoek zit op het gebied van de getaltheorie, en ook is hij goed ingevoerd in de theorie van fractals (je weet wel, van die mooie plaatjes als de Mandelbrotfractal). Samen proberen we de theorie van getalsontwikkelingen wat vooruit te stuwen.
Vrijdag was er ook een collega uit Venezuela bij, die op hetzelfde gebied werkt en een paar weken in Leoben op bezoek is. Samen hebben we onderstaande wijsheden op het bord gebracht! Volgende week ga ik er nog een keer heen, want een dag is niet genoeg om door alle details heen te komen.
©2003 - 2012 Weblog.nl is onderdeel van Sanoma Media Netherlands groep.